© 2008 Revolutietheorie

De ruimte, het heelal, het universum, de nachtelijke hemel. We kijken er vol ontzag
naar. Zo groot, zo wijds. Als we er wat langer naar kijken gaan er vanzelf vragen
door je hoofd spoken: hoe groot is het eigenlijk? Hoe is het ontstaan? Zijn er nog
meer planeten zoals de aarde? Is daar leven? Vragen die vooral door wetenschappers
gesteld worden, omdat ze zo graag willen weten hoe dingen werken, hoe ze in elkaar
zitten en hoe het zo is geworden. Mensen die wat meer dan gemiddeld naar die nachtelijke
hemel hebben gestaard weten al dat er veel is waarover je jezelf kunt verbazen. Zo
zijn er veel dingen die we niet begrijpen; zeker in het licht van een mogelijke ontstaansgeschiedenis.
Hoe komt het dat alles zo perfect op elkaar afgestemd is, als het echt ontstaan is
door een grote 'explosie' of 'expansie', zoals algemeen wordt aangenomen?
De vraag
of er ergens in het heelal nog een planeet zou kunnen zijn waarop leven mogelijk
is, hangt volgens Gonzalez en Richards1 af van een aantal zeer grote "kosmische toevalligheden".
Zo onderscheiden zij in hun boek onder andere een "bewoonbare zone" in elk melkwegstelsel.
Een vrij smal gebeid waarin sterren en planeten in de juiste samenstelling en verhouding
kunnen bestaan, zodat leven mogelijk is. In de buitenste regionen van het melkwegstelsel
zouden te weinig zware elementen aanwezig zijn om planeten te laten vormen. De auteurs
krijgen nu op dat punt in ieder geval gelijk, zo kunnen we afleiden uit een artikel
op de New Scientist website. Astronomen aan de universiteit van Tokyo konden geen
planeten vinden in de buitenste rand van ons melkwegstelsel. Volgens het artikel
is het ook al langer zo dat astronomen het heel onwaarschijnlijk achten dat daar
leven mogelijk is. Nu hebben ze "hard bewijs voor hun pessimisme." Slechts 1 op de
5 van 111 sterren die onderzocht zijn had weliswaar een stofring (men veronderstelt
dat daaruit planeten kunnen ontstaan), maar deze ringen schijnen geen lang leven
beschoren te zijn, waardoor vorming van planeten als onze aarde uitgesloten is.
Dit
is slechts één van de vele voorbeelden uit het boek van Gonzalez en Richards, maar
al die 'toevalligheden' bij elkaar die onze plaats in het heelal en onze planeet
bewoonbaar maken, vormen een goed sluitende bewijsvoering voor ontwerp. Dit astronomische
bewijs, gecombineerd met biologische bewijsvoering in Unlocking the Mystery of Life
en het paleontologische bewijs in Illustras nieuwste documentaire Darwin’s Dilemma
en de bewijsvoering voor Intelligent Design is niet meer te stoppen.
Eerder deze
maand schreef Charles L. Bennett in Science1 een verslag met de titel "Kosmologie
bij een kruispunt". De heersende gedachte, het 'standaard model' (big bang) heeft
te kampen met een drietal vervelende factoren: koude, donkere materie, donkere energie
en hypersnelle expansie. Bennett beschrijft hoe deze hypersnelle expansie de huidige
staat van het heelal zou moeten verklaren. Er zijn overigens meer theoretische versies
van deze expansie, maar hij beperkt zich tot de meest eenvoudige. Waar het op neerkomt
is dat de big bang theorie niet meer zou kunnen bestaan zonder de genoemde factoren
erin te verwerken. Echter, hoe deze niet waarneembare factoren een rol spelen (of
hebben gespeeld) is nog niet duidelijk. Donkere materie en donkere energie is nog
steeds niet waargenomen en de snelle expansie is een zaak van het verre hypothetische
verleden van de big bang. Hoe die expansie begonnen is en hoe het weer gestopt moet
zijn is een groot raadsel, waar blijkbaar ook Bennett geen antwoord op heeft. Hij
begon heel positief met de aankondiging van een 'nieuw standaard model', maar blijft
uiteindelijk met dezelfde problemen zitten. De aangedragen 'oplossingen' zijn nog
steeds niet waarneembaar en dus ook geen werkelijke, testbare oplossingen. Het is
dus nog steeds een soort 'geloof'. Bennett gaf toe dat "de big bang theorie slechts
de expansie en afkoeling beschrijft, maar niets zegt over de oorsprong van het universum."
In het begin moet er volgens hem een "snelle expansie van een heel klein stukje ruimte
tot astronomische afmetingen" geweest zijn.

Expansie… Misschien niet zo'n gek idee, we vinden dat namelijk ook terug in de Bijbel
(bijvoorbeeld in Job 9:8 en Jesaja 40:22, waar staat dat God de hemelen 'uitrekt'
als een gordijn of 'opspant' als een tent). Waar het kleine stukje ruimte vandaan
kwam, hoe het begon met uitzetten en waarom het plotseling stopte kan Bennett niet
uitleggen (de Bijbel overigens wel) en daarmee blijft het hele expansieverhaal in
de droomsfeer hangen. Je kunt iets binnen je denkkader niet verklaren, dus maak je
er een mooi verhaal van met veel moeilijke woorden en je hebt een 'verklaring'. Dit
in tegenstelling tot het duidelijke en onveranderlijke verslag van de Bijbel, waar
elke fase van de ontstaansgeschiedenis logisch en begrijpelijk is. "God deed het",
wordt door veel mensen als een uitvlucht gezien, maar kijk eens naar de logica erachter.
Alles in het universum en op aarde past precies in elkaar en is zo fijn afgesteld
dat geen mens kan verklaren hoe dat vanzelf gegaan zou moeten zijn. Is het dan niet
logisch om aan te nemen dat er een intelligentie achter zit? Alles lijkt te functioneren
met een bepaald doel, is het dan niet logisch te denken dat er Iemand achter zit
met een doel? Dit zijn maar een paar punten, maar zo kan ik nog wel even doorgaan
(zie ook filmpjes van Randall Niles). Het is echt logisch om in God te geloven; in
het bijzonder de God van de Bijbel.
Het door Bennett voorgestelde nieuwe model roept
minstens net zoveel vragen op als het zou moeten beantwoorden. Er is nog steeds geen
bewijs voor de aangenomen factoren. Alleen de logica dat ze er zouden moeten zijn
omdat het big bang model anders niet klopt. Dat is geen juiste beoefening van de
wetenschap. Je moet met iets komen dat aantoonbaar is, of in ieder geval onderzocht
kan worden. In het begin van de jaren tachtig werd de big bang theorie bedreigd door
een aantal grote struikelblokken, die nog steeds niet overwonnen zijn. De big bang
theorie zelf was al opgesteld op basis van waarnemingen die ook anders uitgelegd
kunnen worden (het uitrekken door God en een jong heelal), waarom zou je de theorie
dan willen oplappen als de lapmiddelen de onwaarschijnlijkheid alleen maar groter
maken? Je moet dan geloven dat er iets uit niets kwam, dat dit iets in een fractie
van een seconde een eenmalige, niet waarneembare expansie onderging van de grootte
van een tennisbal tot het hele universum, dat dit toen plotseling stopte en dat het
universum daarna nog eens zo'n 14 miljard jaar langzaam doorging met uitzetten...
Daarnaast moet je ook nog geloven in occulte krachten als 'donkere energie' en 'donkere
materie'... Sterkte!
Er is een fenomeen dat niet occult is, een factor die ondersteund
wordt door observaties en die de fijne afstemming van het universum verklaart. Het
wordt actief benut in de wetenschap en het zou eigenlijk naast materie en energie
onder de fundamentele kenmerken van het universum gerekend moeten worden. De oorsprong
van het heelal hoeft niet ontweken te worden, maar wordt erdoor verklaard. Je weet
wat het is, want je krijgt het op dit moment over je heen. Het is informatie. Uit
onze dagelijkse ervaring weten wij dat informatie altijd voortkomt uit intelligentie.
Nu staan we bij het kruispunt en moeten kiezen: links en rechts zien wij de koude,
donkere materielaan en rechts de zwarte energieweg; achter ons is de weg versperd
door een snel uitbreidende wegversperring, dus we kunnen eigenlijk alleen nog rechtdoor
de informatietunnel in... maar aan het einde is licht, daar moeten we zijn!
Omdat er niets door niets uit het niets kan komen.











Hoe redelijk is het om aan te nemen dat een “big bang”-
