Een aan Harvard afgestudeerde jurist heeft een boek geschreven met de titel ‘Darwin opnieuw bekeken’. Creationisten dringen erop aan dat de evolutie op school meer als een theorie naar voren gebracht moet worden dan als een feit en dat het Genesisverhaal ook ernaast gezet moet worden, zodat de leerlingen weten dat er een keuze mogelijk is.
Ja, Darwin zit in de problemen. Steeds meer geleerden komen tot de conclusie dat de uitgangspunten van de evolutietheorie net iets te onlogisch zijn. Ze zien in dat het eenvoudigweg onmogelijk is dat intelligent leven, of zelfs leven in algemene zin, uit het niets kan zijn ontstaan.
In feite is het Darwinisme in zijn oorspronkelijke vorm allang achterhaald. We weten nu dat de variaties, die we onder de soorten aantreffen, binnen duidelijke grenzen blijven door de genetische informatie die in ieder biologisch geslacht ligt opgeslagen. Deze variaties kunnen nooit nieuwe geslachten doen ontstaan. De nieuwste ontwikkelingen op het gebied van de genetica zijn het krachtigste bewijs tegen de hele theorie dat ooit naar voren is gekomen en zijn zeker geen ondersteuning van het ontstaan van nieuwe soorten.
Voor de evolutionist is weinig troost te vinden in de bestudering van het DNA. Het is zelfs zo dat de moderne biologie meer vragen heeft opgeworpen dan ze heeft beantwoord. Het is voor de geleerden een raadsel hoe de eenvoudigste organische moleculen in het begin tot stand zijn gekomen. En het is een nog groter raadsel hoe proteïnen en genen hebben kunnen samenklonteren tot de eerste cellen. De kans dat zoiets bij toeval gebeurt is wel zeer gering.
De genetica laat zien hoe veranderingen kunnen ontstaan door het uitsorteren en recombineren van de genen. Maar deze veranderingen betreffen alleen kenmerken van ondergeschikt belang, zoals bijvoorbeeld de kleur, vorm of omvang van bepaalde onderdelen. De hoofdkenmerken, die het ene geslacht van het andere onderscheiden, die de kat van de hond onderscheiden of de lelie van de roos, zijn naar men weet nog nooit veranderd. Die blijven gelijk.
Laat mij u direct het volgende zeggen. Niet alles wat Darwin beweerde was fout. Een aantal belangrijke punten uit zijn werk waren juist. Hij toonde aan dat er in alle organismen een bepaalde variatie optreedt en dat deze variaties de basis vormen voor de enorme verzameling soorten die we nu kennen. De huidige indeling van de verschillende diersoorten overschrijdt al de anderhalf miljoen en er zijn bijna een half miljoen verschillende plantensoorten.
Maar Darwin maakte de volgende vergissing. Hij probeerde niet alleen een verklaring te geven voor alle soorten, maar ook voor de grotere categorieën – zoals de families, de orden en de klassen. In zijn poging om dit te bewerkstelligen, in zijn poging om de feiten te laten passen bij de veronderstelling, begaf hij zich ver op het terrein van de vage speculatie en leidde hij de wereld tot het geloof in een organische evolutie – een opvatting die de geleerden nooit hebben kunnen bewijzen.