


Dit jaar is Darwinjaar. In 2009 zullen we heel wat over Darwin horen. Nature maakt
het ons gemakkelijk en zet alle 'feiten van evolutie' nog eens op een rijtje. Naar
hun eigen zeggen "een hulpbron ... voor hen die de bewustwording van bewijsvoering
voor evolutie door natuurlijke selectie wensen te verspreiden." Een galerij, samengesteld
door Henry Gee (oud-
Met deze uitstalling van Darwins 'edelstenen' worden voor de zoveelste keer de edele
delen van de 'keizer zonder kleren' getoond. En een oplettende lezer, die niet geïndoctrineerd
is door alle hoempapa en uiterlijk vertoon (moeilijke woorden en ingewikkelde zinsbouw),
zal al gauw uitroepen: "Hij heeft helemaal geen kleren aan!" En inderdaad, als je
de argumenten goed bekijkt zie je dat ze stuk voor stuk slechts losse, dunne draadjes
zijn die samen een volledig doorschijnend weefsel van loze argumenten vormen. Darwin
is zo poedel als een hondje. Is dit echt het beste dat ze kunnen bieden? Schijnbaar
wel. Darwins grootste pronkstuk, natuurlijke selectie, is slechts een kunstig versierde
glazen stolp zonder inhoud. Weliswaar een vakkundig stuk geslepen glas, maar in de
verste verte niet op de waarde te schatten die evolutionisten eraan toekennen. Natuurlijke
selectie had nieuwe genetische informatie, structuur en functie moeten voortbrengen,
maar het tegendeel bleek waar te zijn. Darwins denkbeeldige gemeenschappelijke voorouder
van al het leven had geen vleugels, tanden, poten of hersens. Waar kwamen al deze
dingen dan vandaan? Kunnen willekeurige mutaties en natuurlijke selectie het doen
zonder doel of intelligent ontwerp? We zullen hun lijst eens nader bekijken...
1.
De evolutie van walvissen.
De overgang van landdier naar walvis heeft naar hun zeggen
slechts 'potentiële' overgangsvormen in het fossielenbestand, dus geen 'werkelijke'.
Zeker niet de 50.000 overgangsvormen die er volgens David Berlinski zouden moeten
zijn geweest om een koe-
2. De evolutie van vissen naar viervoeters.
Het
volledig uitgekauwde fossiel, de 'overgangsvorm'
3.
De evolutie van veren.
Met enkele mogelijke kandidaten voor overgangsvormen (waaronder
uiteraard de vogel Archaeopteryx) en een aantal bizarre claims, wordt de evolutie
van dino's naar vogels 'aannemelijk' gemaakt. Ze noemen de "ontdekking van gevederde
dinosauriërs" alsof het een feit is en maken van Evolutie een persoonlijkheid die
met "duizelingwekkende schakering van oplossingen" kan komen. Wat een enorm geloof
hebben deze mensen in hun evolutiegod. Te geloven dat dino's al spontaan veren ontwikkeld
hadden en er toevallig een gelegenheid kwam om die veren te gebruiken voor een rondvluchtje
gaat het geloof van menig creationist ver te boven.
4. De evolutie van tanden.
Kleine
variaties in de kiezen van knaagdieren zouden iets moeten zeggen over het ontstaan
van deze ingenieuze stukken gereedschap? Het aangehaalde onderzoek ging over 'micro-
5. Het skelet
van gewervelden.
Dit gedeelte van de uiteenzetting is een vreemde herformulering van
de recapitulatie theorie (dat de evolutionaire geschiedenis zich herhaalt in embryo's).
Het hele argument is gebaseerd op een cirkelredenering: Er is geen direct bewijs
voor de evolutie van (of beter: het ontstaan van) een biologische 'familie', maar
omdat een embryo in een vroeg stadium achtereenvolgens op een vis, een amfibie en
een reptiel lijkt, is dat indirect bewijs voor zijn evolutionaire geschiedenis. Hoe
relevant is dat? Creationisten hebben geen moeite met overeenkomsten tussen de verschillende
soorten gewervelden.
6. Natuurlijke selectie in soortvorming.
Een voorbeeld van vissen
die zich aanpassen aan hun omgeving. So what? Dan zijn ze goed ontworpen om zich
te kunnen aanpassen. En er worden geen nieuwe organen gevormd. Niet relevant.
7.
Natuurlijke selectie in hagedissen.
Een geval van micro-
8.
Co-
Twee levende wezens leren samen te
overleven. Geen nieuwe organen of genetische informatie. Micro-
9.
Verschillen in wilde vogels.
Gaat alweer over kleine variaties binnen soorten, geen
grote veranderingen. We noemen het soms micro-
10. Selectieve overleving in wilde guppies.
"Frequentieafhankelijke
overleving" en aanpassing van een bestaande soort gup, geen macro-
11. Evolutionaire geschiedenis.
Dit gedeelte gaat er al bij voorbaat vanuit
dat evolutie heeft plaatsgevonden. Een bepaald soort aal vangt zijn prooi iets anders
dan andere alen. De auteurs hebben het over "de adembenemende oplossing van evolutie",
maar noemen geen overgangsvormen of enig mechanisme dat deze 'vernieuwing' zou hebben
geproduceerd. Ze nemen gewoon aan dat het gebeurd is. Ze beginnen dit argument met
te zeggen dat evolutie vaak gebruik maakt van al aanwezige materialen en dat die
op hun beurt weer het gevolg zijn van miljoenen jaren van evolutie. Als dat geen
cirkelredenatie is...
12. Darwins vinken.
Goeie genade, dat kun je niet menen! De Darwinvinken
zijn hét klassieke voorbeeld van micro-
13. Micro-
"We kunnen uit het fossielenverhaal afleiden dat grote soort-
14. Weerstand tegen
gif.
Een mutatie maakt bij twee verschillende beestjes een moleculair poortje kapot
waardoor een gif niet meer binnen kan komen. Dus evolutie maakt dingen kapot... en
dan...?
15. Variatie vs. stabiliteit.
Eens kijken of ze het beste voor het laatst bewaard
hebben... Niet dus. Ze kennen doelmatigheid toe aan een doelloos proces. En dat wilde
Darwin nu juist niet! Aan de ene kant beweren ze dat soorten gedurende miljoenen
jaren grotendeels onveranderd blijven. Aan de andere kant krijgen we van ze te horen
dat soorten vaak plotseling veranderen. Sommigen zouden zich afvragen of soorten
"verborgen onder de motorkap" veranderen, wat op een bepaald moment voor een plotselinge
verandering zorgt. Alsof ze hun verandering een poosje geheim houden, totdat de juiste
omgevingsfactoren ze dwingen om die verandering door te voeren. Ze noemen dit "evolutionaire
capaciteit". Maar iets bedenken en er dan een naam geven is geen argument natuurlijk.
Dat heeft heel veel weg van de 'just so stories' van Kipling. Kipling zinspeelde
ook herhaaldelijk op het werk van Charles Darwin.
Dit laatste argument sluit niet
uit dat er een schepper geweest is die deze 'verborgen' veranderingen voorgeprogrammeerd
heeft. Hij heeft dan in Zijn voorzienigheid het organisme de mogelijkheid gegeven
om zich aan te passen wanneer het moeilijk wordt en zijn omgeving drastisch verandert.
Een evolutionistische uitleg raakt hier kant nog wal en lijkt verdacht veel op het
'punctuated equilibria' argument van Stephen Jay Gould dat moest verklaren waarom
er geen bewijs is voor evolutie. Je zou toch verwachten dat ze niet zulke argumenten
zouden gebruiken in een betoog voor Darwin. Je zou ook niet verwachten dat ze het
creationisten zo makkelijk zouden maken om hun argumenten te weerleggen.
Zo zien we
dat ook Gee, Howlett en Campbell niet in staat zijn om een gedegen argumentatie op
te bouwen voor de evolutietheorie. Er is genoeg te zeggen over kleine variaties,
ook wel 'micro-
© 2008 Revolutietheorie

Nogmaals benadrukken wij dat de evolutieleer geen wetenschap is, niettegenstaande de tirades van evolutionisten. Het is een filosofische wereldbeschouwing, niets meer.

Zijn naam is Antony Flew. Hij was gedurende 50 jaar een zeer invloedrijke atheïst en heeft nu een boek geschreven (Amazon.com: THERE IS NO A GOD) waarin hij openlijk afstand doet van zijn voormalige overtuiging. Atheïsten als Richard Dawkins en Christopher Hitchens stonden op zijn schouders bij hun pogingen om God onderuit te halen.



Binnen de seculiere wetenschap worden alle veranderingen en ontwikkeling van leven aangeduid met de term: evolutie. Is dit een juiste weergave, of is deze definitie van ‘verandering’ misleidend? Binnen de hele discussie tussen evolutionisten en creationisten is de benadering van het begrip ‘evolutie’ een terugkerend twistpunt. Beiden, evolutionisten en creationisten, betichten de ander ervan een verkeerde invulling aan dit begrip te geven. In dit artikel wil ik trachten aan te geven hoe beide ‘kanten’ tegen ‘evolutie’ aankijken, zodat u na afloop uw eigen keuze kunt maken.
Meer lezen? Klik op de pijl.

In den beginne was er niets tot plots een punt verscheen. Dat punt explodeerde. Het stof vormde en creëerde uiteindelijk de mens.
